Land

Gambia (land)

639 soorten

Gambia, officieel de Republiek Gambia, is een land in Afrika dat bestaat uit een tamelijk smalle strook langs de Gambia.

Geografie

Gambia ligt op de uiterste westpunt van Afrika, aan de Atlantische Oceaan en is met een oppervlakte van 11.300 km² het kleinste land op het Afrikaanse vasteland. De oppervlakte van Gambia is maar iets groter dan een kwart van Nederland of een derde van België. Van oost naar west meet Gambia ongeveer 320 km. Van noord naar zuid varieert de breedte van 20 tot 50 km. Gambia wordt aan drie kanten ingesloten door Senegal.

Het landschap is licht glooiend met wat heuveltjes. Het hoogste punt bedraagt ongeveer 40 meter, waarmee Gambia nog vlakker is dan Nederland. Dwars door het land loopt de goed bevaarbare Gambia. Deze rivier voert het hele jaar door water. Langs de rivier liggen vele zandstranden.

De delta van de Gambia is vrij moerassig met een mangrovebegroeiing. Het noorden van Gambia heeft een savannelandschap met lange grassen, grote struiken en wat bomen. Ten zuiden van de Gambia begint de bossavanne, grasland met groepen bomen.

Klimaat

Gambia heeft een tropisch savanneklimaat, Aw in de klimaatclassificatie van Köppen. Dit wordt gekenmerkt door een droog en een nat seizoen. Het droge seizoen duurt van ongeveer half oktober tot ongeveer half juni. Het komt vaak voor dat er dan in deze periode geen druppel regen valt. Maart tot en met mei zijn de zonnigste maanden, met gemiddeld 10 uur zon per dag. De noordoostelijke wind (harmattan) waait in die maanden vanuit de Sahara en kan in plaats van regen ook weleens zand brengen. De temperatuur kan aan het einde van de droge tijd tot tegen de 40 °C oplopen. Door de warmte ontstaan er regelmatig windhozen, die Tonkolong genoemd worden. De luchtvochtigheid kan in de droge periode wel dalen tot 25%. De natte periode duurt van ongeveer half juni tot half oktober. Juli, augustus en september zijn de natste maanden en de helft van alle jaarlijkse regen valt in augustus. De regen valt meestal in buien, ’s nachts en ’s morgens. Het regent echter in de natte periode lang niet altijd, gemiddeld zo’n twaalf dagen per maand. In de hoofdstad Banjul, gelegen aan de kust, valt jaarlijks ongeveer 1400 mm regen. In Georgetown, gelegen in het binnenland, valt ongeveer 1050 mm regen per jaar. De hoogste luchtvochtigheid, tot wel 95%, wordt in augustus gemeten. De watertemperatuur van de Atlantische Oceaan varieert van 20 tot 27 °C.

Fauna

In Gambia werden tot nu toe ongeveer 450 verschillende soorten vogels geteld, en nog steeds worden nieuwe soorten ontdekt. Sommige soorten komen alleen in Gambia voor. Er vinden in Gambia dan ook vrijwel geen gewone safari's plaats, maar vogelsafari's.

Grote vogels zijn onder andere de maraboe, gieren, lepelaars, kraanvogels, arenden, uilen en de opmerkelijke grondneushoornvogels. Grote zoogdieren zijn vrijwel allemaal uitgestorven. Giraffen, leeuwen, buffels en grote antilopen komen vrijwel uitsluitend in natuurparken voor. Diep landinwaarts komen nog wel nijlpaarden en krokodillen in de Gambia voor. Verschillende kleine apensoorten, zoals de fluweelaap en de huzaaraap komen overal voor. Chimpansees leven alleen nog in het Baboon Island National park. Verder zijn er nog kleine antilopensoorten, aardvarkens en knobbelzwijnen.

Zowel op het land als in het water komen slangen voor, sommige zeer giftig. Reuzenhagedissen en kameleons komen ook regelmatig voor. In de Gambia leven verschillende zeldzame vissoorten, zoals de gitaarvis, de kikkervis, de longvis en de modderkruiper. Doordat het water van de Gambia zo’n 150 tot 180 kilometer landinwaarts zout is, zijn er in de rivier zelfs dolfijnen waar te nemen. In de kustwateren van Gambia komen onder andere zeeschildpadden, roggen, zeeslangen, krabben, haaien, inktvissen, zwaardvissen en tonijnen voor. De bijna uitgestorven zeekoe is nog af en toe te zien bij riviermondingen. In de mangrovemoerassen leven diverse krabbensoorten, veel watervogels en slijkspringers. Mangroveoesters groeien aan de wortels van de mangrovebomen.

Gambia heeft zes nationale parken en reservaten, die samen 3,7% van het Gambiaanse grondgebied beslaan.

laat minder zien

Gambia, officieel de Republiek Gambia, is een land in Afrika dat bestaat uit een tamelijk smalle strook langs de Gambia.

Geografie

Gambia ligt op de uiterste westpunt van Afrika, aan de Atlantische Oceaan en is met een oppervlakte van 11.300 km² het kleinste land op het Afrikaanse vasteland. De oppervlakte van Gambia is maar iets groter dan een kwart van Nederland of een derde van België. Van oost naar west meet Gambia ongeveer 320 km. Van noord naar zuid varieert de breedte van 20 tot 50 km. Gambia wordt aan drie kanten ingesloten door Senegal.

Het landschap is licht glooiend met wat heuveltjes. Het hoogste punt bedraagt ongeveer 40 meter, waarmee Gambia nog vlakker is dan Nederland. Dwars door het land loopt de goed bevaarbare Gambia. Deze rivier voert het hele jaar door water. Langs de rivier liggen vele zandstranden.

De delta van de Gambia is vrij moerassig met een mangrovebegroeiing. Het noorden van Gambia heeft een savannelandschap met lange grassen, grote struiken en wat bomen. Ten zuiden van de Gambia begint de bossavanne, grasland met groepen bomen.

Klimaat

Gambia heeft een tropisch savanneklimaat, Aw in de klimaatclassificatie van Köppen. Dit wordt gekenmerkt door een droog en een nat seizoen. Het droge seizoen duurt van ongeveer half oktober tot ongeveer half juni. Het komt vaak voor dat er dan in deze periode geen druppel regen valt. Maart tot en met mei zijn de zonnigste maanden, met gemiddeld 10 uur zon per dag. De noordoostelijke wind (harmattan) waait in die maanden vanuit de Sahara en kan in plaats van regen ook weleens zand brengen. De temperatuur kan aan het einde van de droge tijd tot tegen de 40 °C oplopen. Door de warmte ontstaan er regelmatig windhozen, die Tonkolong genoemd worden. De luchtvochtigheid kan in de droge periode wel dalen tot 25%. De natte periode duurt van ongeveer half juni tot half oktober. Juli, augustus en september zijn de natste maanden en de helft van alle jaarlijkse regen valt in augustus. De regen valt meestal in buien, ’s nachts en ’s morgens. Het regent echter in de natte periode lang niet altijd, gemiddeld zo’n twaalf dagen per maand. In de hoofdstad Banjul, gelegen aan de kust, valt jaarlijks ongeveer 1400 mm regen. In Georgetown, gelegen in het binnenland, valt ongeveer 1050 mm regen per jaar. De hoogste luchtvochtigheid, tot wel 95%, wordt in augustus gemeten. De watertemperatuur van de Atlantische Oceaan varieert van 20 tot 27 °C.

Fauna

In Gambia werden tot nu toe ongeveer 450 verschillende soorten vogels geteld, en nog steeds worden nieuwe soorten ontdekt. Sommige soorten komen alleen in Gambia voor. Er vinden in Gambia dan ook vrijwel geen gewone safari's plaats, maar vogelsafari's.

Grote vogels zijn onder andere de maraboe, gieren, lepelaars, kraanvogels, arenden, uilen en de opmerkelijke grondneushoornvogels. Grote zoogdieren zijn vrijwel allemaal uitgestorven. Giraffen, leeuwen, buffels en grote antilopen komen vrijwel uitsluitend in natuurparken voor. Diep landinwaarts komen nog wel nijlpaarden en krokodillen in de Gambia voor. Verschillende kleine apensoorten, zoals de fluweelaap en de huzaaraap komen overal voor. Chimpansees leven alleen nog in het Baboon Island National park. Verder zijn er nog kleine antilopensoorten, aardvarkens en knobbelzwijnen.

Zowel op het land als in het water komen slangen voor, sommige zeer giftig. Reuzenhagedissen en kameleons komen ook regelmatig voor. In de Gambia leven verschillende zeldzame vissoorten, zoals de gitaarvis, de kikkervis, de longvis en de modderkruiper. Doordat het water van de Gambia zo’n 150 tot 180 kilometer landinwaarts zout is, zijn er in de rivier zelfs dolfijnen waar te nemen. In de kustwateren van Gambia komen onder andere zeeschildpadden, roggen, zeeslangen, krabben, haaien, inktvissen, zwaardvissen en tonijnen voor. De bijna uitgestorven zeekoe is nog af en toe te zien bij riviermondingen. In de mangrovemoerassen leven diverse krabbensoorten, veel watervogels en slijkspringers. Mangroveoesters groeien aan de wortels van de mangrovebomen.

Gambia heeft zes nationale parken en reservaten, die samen 3,7% van het Gambiaanse grondgebied beslaan.

laat minder zien